Nieuwsbrief Box 3
De vermogensrendementsheffing in Box 3 staat al geruime tijd in het middelpunt van de belangstelling. Diverse rechterlijke uitspraken, waaronder het bekende Kerstarrest van de Hoge Raad, hebben geleid tot forse kritiek op het huidige stelsel en tot aanpassingen door de wetgever.
Inmiddels is duidelijk dat de gevolgen voor belastingplichtigen aanzienlijk kunnen zijn en dat de situatie voorlopig nog in beweging blijft.
In deze nieuwsbrief brengen wij de belangrijkste ontwikkelingen onder uw aandacht. We gaan in op recente jurisprudentie, stand van zaken rondom de wetgeving en de verwachtingen voor de komende jaren.
Kerstarrest 24 december 2021
Op 24 december 2021 oordeelde de Hoge Raad dat de heffing geheven in Box 3 sinds 1 januari 2017 in strijd is met het eigendomsrecht en het discriminatieverbod. Belastingplichtigen die bezwaar hebben gemaakt tegen een aanslag inkomstenbelasting betreffende de fiscale jaren 2017 tot en met 2020, hebben hiervoor rechtsherstel gekregen. Dit geldt ook voor belastingplichtigen van wie de aanslag over deze fiscale jaren nog niet was opgelegd of nog niet onherroepelijk vaststond. Een aanslag wordt pas onherroepelijk wanneer de termijn van zes weken na dagtekening is verstreken.
Voor de niet-bezwaarmakers is op 4 november 2022 een massaal bezwaar plus procedure opgestart. Kort voor de zomer hebben de rechtbanken Zeeland-West-Brabant en Den Haag deze massaal bezwaar plus procedure ongegrond verklaard. In overleg met de Staatssecretaris van Financiën is besloten om via een sprongcassatie direct het massaal bezwaar plus procedure voor te leggen bij de Hoge Raad. Naar verwachting zal de Hoge Raad de behandeling pas na enkele maanden oppakken waardoor een uitspraak dit jaar niet voor de hand ligt. Over de stand van zaken blijven wij u op de hoogte houden.
Overbruggingswetgeving
Het Kabinet heeft, naar aanleiding van het kerstarrest, besloten om het werkelijke rendement in Box 3 te gaan belasten. Naar verwachting zal dit per 1 januari 2028 ingevoerd worden. Voor de tussenliggende jaren is de overbruggingswet ingevoerd. Bij de overbruggingswetgeving wordt het vermogen in drie categorieën opgedeeld: banktegoeden, overige bezittingen en schulden. Deze categorieën gelden als grondslag voor de berekening van de Box 3 belasting en worden berekend met fictieve rendementspercentages.
Hieronder een overzicht van de fictieve rendementspercentages:
| Soort vermogen | 2024 | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 |
| Banktegoeden | 1,44 % | 0,92 % | 0,00 % | 0,01 % | 0,04 % |
| Overige bezittingen | 6,04 % | 6,17 % | 5,53 % | 5,69 % | 5,28 % |
| Schulden | 2,61 % | 2,46 % | 2,28 % | 2,46 % | 2,74 % |
Het fictief berekende rendement wordt belast aan 36 % (2024) Box 3-belasting.
Voorbeeld:
Stel, u heeft boven het heffingsvrije vermogen nog € 100.000 aan banktegoeden.
Fictieve rendementspercentage 2024 voor banktegoeden is 1,44 %.
€ 100.000 * 1,44 % = € 1.440
Dit is de grondslag voor de berekening van de Box 3-belasting en wordt belast aan 36 %.
€ 1.440 * 36 % = € 518
De Wet tegenbewijsregeling Box 3
Echter heeft de Hoge Raad op 6 juni 2024 geoordeeld dat ook de overbruggingswetgeving in strijd is met Europees recht, wanneer het werkelijke rendement lager is dan het fictieve rendement.
In deze arresten van de Hoge Raad wordt gesteld dat de belastingplichtige zelf moet aantonen dat het werkelijke rendement lager is dan het fictieve rendement. Daarnaast heeft de Hoge Raad ook aanwijzingen gegeven over de wijze waarop het werkelijke rendement kan worden vastgesteld.
Naar aanleiding van deze arresten is de Wet tegenbewijsregeling Box 3 tot stand gekomen, die op 8 juli 2025 is aangenomen door de Eerste kamer. Deze Wet is vervolgens op 19 juli 2025 in werking getreden en blijft in stand totdat het nieuwe Box 3-stelsel wordt ingevoerd.
Het werkelijke rendement in Box 3
Het werkelijke rendement van Box 3 is opgebouwd uit:
- Positieve reguliere voordelen: rente, huur, pacht, dividend, winstuitkeringen, etc.
- Negatieve reguliere voordelen: rentekosten van schulden
- Vermogensaanwas: de waardestijgingen of –dalingen van onroerende zaken
Dit werkelijke rendement moet doorgegeven worden via het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR). Belastingplichtigen die mogelijk in aanmerking komen, krijgen eerst een attentiebrief of motiveringsbrief van de Belastingdienst toegestuurd. Vanaf de dagtekening van deze brief krijgen belastingplichtigen, die hun aangifte zelf hebben ingediend een termijn van 12 weken. Belastingplichtigen waarvan de aangifte door een fiscaal dienstverlener is ingediend, krijgen een termijn van 26 weken.
De attentiebrieven voor aanslagen die nog niet definitief zijn opgelegd worden volgens deze planning verzonden:
- Belastingjaar 2024: nog niet bekend
- Belastingjaar 2023: vanaf september 2025
- Belastingjaar 2022: vanaf juli 2025
- Belastingjaar 2021: nog niet bekend
- Belastingjaar 2020: vanaf oktober 2025
De motiveringsbrieven voor aanslagen waartegen bezwaar is gemaakt of een verzoek om ambtshalve vermindering is ingediend, worden verzonden tussen 15 juli 2025 en 3 oktober 2025.
Overbruggingswetgeving en Wet tegenbewijsregeling Box 3
Wanneer het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement is ingevuld en het blijkt dat het werkelijke rendement hoger uitvalt dan het fictieve rendement, heeft dit geen gevolgen voor de belastingaanslag. De Belastingdienst rekent namelijk altijd met het laagste van de twee rendementen. Dat betekent dat de aanslag niet wordt verhoogd wanneer het werkelijke rendement boven het fictieve rendement ligt.
Dit geldt ook voor de komende jaren totdat het nieuwe Box 3-stelsel wordt ingevoerd. Er mag altijd voor het voordeligste gekozen worden: de overbruggingswetgeving met fictieve rendementspercentages of de tegenbewijsregeling met het werkelijke rendement. Vanaf 2025 zal de tegenbewijsregeling ook verwerkt zijn in de aangifte inkomstenbelasting waardoor er meteen voor het voordeligste gekozen kan worden.
Conclusie
De komende maanden is het belangrijk om het werkelijke rendement van de afgelopen jaren te gaan doorgeven als dit lager is dan het fictieve rendement. Daarnaast blijven de ontwikkelingen rondom Box 3 in beweging. Wij houden de komende jurisprudentie nauwlettend in de gaten. Mocht er nieuwe rechtspraak verschijnen die van invloed is op uw situatie, dan informeren wij u uiteraard tijdig.
Heeft u vragen of twijfelt u over uw situatie?
Neem gerust contact met ons op – we denken graag met u mee.
